We weten meer over het oppervlak van Mars dan over onze eigen oceaanbodem. Meer dan 70% van onze planeet is bedekt met water, en toch is dit gebied extreem onherbergzaam voor bijna al het leven dat wij kennen. Recente ontdekkingen bewijzen maar weer eens hoe weinig we eigenlijk weten over de donkerste plekken op aarde.

Een Japans onderzoeksteam, werkend met een op afstand bestuurde onderwatervliegtuig (ROV), stuitte onlangs op een bizarre vondst. Op een diepte van zo’n **6.200 meter** in de Stille Oceaan – op de grens van de afgrondzone – zagen ze objecten die leken op glimmende, volledig zwarte eieren. Het verzamelen ervan was essentieel, want elke vondst op deze diepte kan ons begrip van het leven compleet veranderen.

De duisternis van de abyssale zone

De zone waar deze objecten werden gevonden, staat bekend als de abyssale zone. Hier heerst eeuwige nacht en extreme druk. Het leven dat hier gedijt, moet evolutionaire trucs hebben ontwikkeld die wij nauwelijks kunnen bevatten. Wanneer men hier iets nieuws vindt, is dat altijd een giga-nieuwsfeit.

Waarom wetenschappers de

Onderzoeker Yasunori Kano van de Universiteit van Tokio, die de ROV bestuurde, besloot meteen een exemplaar naar boven te halen. De meeste exemplaren waren gescheurd en leeg, maar vier stuks bleven wonderwel intact. Kano stuurde ze direct door naar collega's gespecialiseerd in ongewervelde dieren.

Het moment van de waarheid: van 'ei' naar biologische koker

Toen de biologen van de Universiteit van Hokkaido de objecten onder de microscoop legden, gebeurde er iets vreemds. Het leek in eerste instantie op iets heel simpels, misschien zelfs eencellig, zo merkte hoofdonderzoeker Keiichi Kakui op. "Mijn eerste gedachte was dat het een of andere oerorganisme was, ik had immers nog nooit de koker van zandwormen op deze diepte gezien."

Maar toen Kakui voorzichtig een van de ‘eieren’ opensneed, kwam er een onverwachte substantie naar buiten:

  • Een melkachtige, troebele vloeistof stroomde eruit.
  • Na het voorzichtig wegzuigen van dit witte goedje, kwamen bleke, fragiele structuren tevoorschijn.
  • Het bleek de koker (het omhulsel) te zijn van platwormen.

Dit was een **enorme verrassing**. Men wist simpelweg niet dat platwormen (Platyhelminthes) op deze extreem grote diepte konden overleven. De diepst bekende platworm zat voorheen vastgepind op ongeveer 5.200 meter, en daar was nog discussie over; men wist niet zeker of deze daar echt leefde of simpelweg naar beneden was gedreven.

Waarom wetenschappers de

Wat deze diepzee-bewoners ons leren

Na DNA-onderzoek bevestigde het team dat dit inderdaad een volledig nieuwe, nog niet beschreven soort platworm betrof. Het fascinerende is dat, ondanks dat ze op 6 kilometer diepte leven, deze wormen er opvallend veel uitzien als hun familieleden in de ondiepe, zonnige kustwateren. Ze lijken geen radicale morfologische aanpassingen te hebben ondergaan voor de extreme omstandigheden.

Dit is de kern van de ontdekking: **het leven in de diepzee is taaier dan we dachten, en soms zijn de bewoners minder vreemd dan we verwachten**. Het laat zien dat de grens van wat 'mogelijk' is, veel verder ligt dan de huidige wetenschappelijke literatuur aangeeft.

Voor ons hier in Nederland, met onze waddengebieden en de Noordzee, klinkt 6 kilometer diep misschien abstract. Maar bedenk: de objecten die je op straat laat liggen (zoals een plastic fles) dalen langzaam af en kunnen ecosystemen op de bodem beïnvloeden, ook al zie je ze nooit meer.

Deze vondst verlicht een klein hoekje van de oceaanbodem die voorheen volledig in het duister lag. Zouden er nog veel meer ‘zwarte eieren’ liggen te wachten om door onze ROV’s ontdekt te worden? Wat denk jij dat we over tien jaar allemaal weten over de diepzee?