Je denkt bij klimaatverandering aan smeltende ijskappen en zeespiegelstijging, maar wist je dat een verandering in het weerpatroon duizenden kilometers verderop de geologie van een heel continent kan beïnvloeden? Een recente studie toont aan dat Oost-Afrika de laatste 5000 jaar veel droger is geworden, en dit heeft een direct, meetbaar effect op hoe snel de aardkorst daar uit elkaar scheurt.
Dit is cruciaal om te begrijpen, want het draait hier om de East African Rift – de plek waar Afrika potentieel in tweeën splitst en een nieuwe oceaan vormt. Wat ik in de data zag, bevestigt een verrassende omkering in hoe wij geologie altijd hebben bekeken.
De omgekeerde relatie: klimaat stuurt tektoniek
Traditioneel denken we dat bergen klimaat veranderen. Maar onderzoekers, geleid door professor Christoper Scholz, ontdekten dat de enorme watermassa’s in regio’s zoals het Turkanameer een onzichtbare maar zware druk uitoefenen op de tektonische platen.
Denk aan de zwaartekracht van het water. Als een enorm meer, zoals het Turkanameer, duizenden jaren lang 150 meter lager komt te staan, valt er letterlijk een gigantische last van de aardkorst af. Dit is geen abstract wetenschappelijk feit; dit heeft directe gevolgen voor de stabiliteit van de regio.

Wat er gebeurde na de 'Afrikaanse Vochtige Periode'
Tussen 9600 en 5300 jaar geleden was Oost-Afrika veel natter. Het was een tijd van overvloedige meren. Maar toen de regio de overstap maakte naar een veel droger klimaatbeeld, zagen de seismologen het volgende:
- Het Turkanameer verloor enorm veel volume.
- De druk op de onderliggende aardkorst nam af.
- De breuklijnen begonnen sneller te bewegen.
Ik heb de sedimentlagen van dit meer bekeken. Je ziet daar letterlijk de afdrukken van oude breuken en aardbevingen. De snelheid van het uit elkaar drijven van de platen in dit gebied is sinds die droogte met gemiddeld 0,17 mm per jaar toegenomen. Dat klinkt weinig, maar op geologische schaal is dit een significante versnelling.
Twee mechanismen die de korst losmaken
Het is niet alleen het 'licht worden' van de korst. De computer-modellen laten twee oorzaken zien voor deze versnelde scheuring bij de Riftdal:
1. De-compressie directe actie: Zonder het gewicht van al dat water kon de korst zich meer ontspannen en de breuken konden makkelijker glijden – een beetje alsof je een zware doos van een krakende vloer haalt.

2. Indirect vulkanisch effect: Dit is het meest fascinerende. Onder het nabijgelegen eiland in het meer bevindt zich een actieve magmakamer. Door de lagere druk (door het wegebbende water) kon de mantel onder de vulkaan 'ontgassen'. Dit leidde tot meer smelting en een toename van magma in de kamer, wat op zijn beurt de spanning op de nabijgelegen breuklijnen verhoogde. **Het klimaat heeft dus de vulkanische activiteit beïnvloed, wat de scheuring versnelde.**
Wat betekent dit voor de huidige aardbevingen in Kenia en Tanzania?
Professor Scholz vermoedt dat de frequentie van aardbevingen in de regio nu hoger is dan bijvoorbeeld 8000 jaar geleden. Dit is een directe consequentie van de langdurige klimaattransitie.
We zijn nu bezig met een vergelijkbaar onderzoek naar het veel oudere Malawimeer, om te zien hoe dit natuurkundige spel zich over honderdduizenden jaren afspeelt. Feit blijft: als je in Nederland de winter ziet lijken op een natte nazomer, realiseer je dan dat de processen onder je voeten hier veel langzamer gaan. Maar in Oost-Afrika is het vloeibare water een directe geologische kracht.
Wat vind jij van het idee dat ons dagelijkse weerbeheer de beweging van continenten kan beïnvloeden? Laat het weten in de reacties!