Stel je voor: midden in de winter, terwijl je in je woonkamer zit met de verwarming aan, verwarmt een van de meest complexe wetenschappelijke machines ter wereld jouw radiatoren. Dit is geen toekomstmuziek meer. Het grootste deeltjeslaboratorium op aarde, de Large Hadron Collider (LHC) bij CERN, levert sinds kort warmte aan een nabijgelegen stad. Dit klinkt misschien als sciencefiction, maar het is een briljante nieuwe zet om afhankelijkheid van fossiele brandstoffen drastisch te verminderen.

Veel mensen kennen de LHC alleen van het botsen van deeltjes op bijna de lichtsnelheid. Echter, deze enorme machine produceert ook bergen restwarmte. In plaats van deze energie achteloos de atmosfeer in te blazen (wat normaal gesproken gebeurt via koeltorens), heeft CERN een ingenieuze truc bedacht. En voor de 12.600 inwoners van het Franse stadje Ferney-Voltaire is dit een gamechanger.

De onverwachte bron van jouw comfort

Waarom zou een supergeleidende deeltjesversneller warmte moeten afgeven? Het 27 kilometer lange ondergrondse circuit heeft constant extreme koeling nodig om de supergeleidende magneten op temperaturen onder het kookpunt van vloeibare stikstof te houden. Deze koelprocessen genereren bergen afvalwater dat wij nu als verwarming inzetten.

Ik merkte bij de eerste beschrijvingen van dit project op dat het hele systeem verrassend efficiënt is. Normaal gesproken gaat dit hete water gewoon de lucht in. Maar nu wordt het opgevangen.

Hoe de deeltjesversneller van CERN een Franse stad verwarmt - image 1

Een slimmere manier om afvalwater te gebruiken

CERN maakt geen gebruik van de traditionele (en inefficiënte) methode. Hier is de kern van het nieuwe systeem wanneer je energieverspilling wilt minimaliseren:

  • Het hete water uit de koelcircuits van de LHC wordt niet direct de atmosfeer in gestuurd.
  • Het passeert eerst twee warmtewisselaars, elk met een vermogen van vijf megawatt.
  • Deze wisselaars dragen de warmte over aan het centrale stadsverwarmingsnetwerk van Ferney-Voltaire.

Het punt waar de meeste energie wordt teruggewonnen, is bij Station 8, net over de Frans-Zwitserse grens. Dit is in feite de plek waar de cryogene apparatuur het hardst moet werken om de versneller af te koelen.

Wat dit betekent voor jouw energierekening (en je gemoedsrust)

Dit project is een perfect voorbeeld van hoe we (zeker in een regio als Nederland of België, waar de winter lang en koud kan zijn) moeten kijken naar alle beschikbare energiebronnen. We zijn vaak gefocust op zonnepanelen, maar vergeten de warmte die al gegenereerd wordt.

Hoe de deeltjesversneller van CERN een Franse stad verwarmt - image 2

Momenteel levert CERN ongeveer 5 MW aan thermische energie. Als de LHC op volle toeren draait, kan dit potentieel verdubbelen. Om dit in perspectief te plaatsen: dit is genoeg om een flink deel van die 12.600 zielen comfortabel in hun huizen te houden zonder extra gas te verstoken.

CERN volgt hiermee de ISO 50001-norm voor energiebeheer nauwgezet. Ze willen hun ecologische voetafdruk verkleinen, wat in de wetenschappelijke wereld een steeds grotere prioriteit wordt.

Wist je dat ze nog meer plannen hebben? Tegen 2026/2027 moet het datacenter in Prévessin ook een groot deel van de gebouwen van CERN zelf gaan verwarmen. De totale ambitie? Tussen de 25 en 30 GWh per jaar besparen. Dat is de energie om zo’n 5.000 tot 6.000 huizen een heel koude winter door te helpen!

Dit bewijst dat je niet altijd gloednieuwe technologie nodig hebt om duurzamer te worden; soms is het een kwestie van slim kijken naar wat je al weggooit. De wetenschap levert niet alleen kennis, maar kan ook directe, tastbare oplossingen bieden voor alledaagse problemen zoals hoge stookkosten.

Wat vind jij van deze aanpak? Zie jij ook kansen om restwarmte in jouw stad of wijk nuttig in te zetten?