Heb je ooit stilgestaan bij hoe vreemd de kleine wereld van de deeltjes is? We leven in onze vertrouwde drie dimensies, maar wetenschappers hebben zojuist iets bereikt dat klinkt alsof het rechtstreeks uit een sciencefictionfilm komt. Ze hebben een foton – een deeltje licht – succesvol in 37 dimensies laten bestaan. Dit is geen theorie meer; het is een experimenteel feit dat de grenzen van ons begrip oprekt.

Waarom zou dit jou nu moeten interesseren? Omdat deze doorbraak, voortkomend uit een diepgaand conflict tussen de klassieke en kwantumfysica, de deuren opent naar technologieën die we ons nu nog niet kunnen voorstellen. Als je dacht dat je telefoon snel was, wacht dan maar tot de kwantumcomputers van de toekomst hun intrede doen.

De erfenis van Einstein: Spookachtige actie op afstand

De klassieke natuurkunde werkt met duidelijke regels: beweging is lokaal. Jouw hand beïnvloedt je koffiekopje omdat ze contact maken. De kwantummechanica lacht dit idee echter in het gezicht. Het bekendste voorbeeld is kwantumverstrengeling.

Dit fenomeen, door Albert Einstein ooit "spookachtige actie op afstand" genoemd, betekent dat je de toestand van het ene deeltje kunt kennen door het andere te meten, zelfs als ze lichtjaren van elkaar verwijderd zijn. Wij, als lezers, zijn gewend aan logica, maar in de subatomaire wereld is alles non-lokaal.

Een deeltje licht bereikt 37 dimensies: wat dit betekent voor onze kijk op de werkelijkheid - image 1

Wiskunde die de grenzen tart

Het conflict tussen onze logica en de kwantumwereld is zo fundamenteel dat het zelfs een wiskundige uiting heeft: het Greenberger–Horne–Zeilinger (GHZ) paradox. Dit is geen lichte kost; het is een diepgaand bewijs dat je de kwantumtheorie niet kunt beschrijven met 'lokale, realistische' middelen.

In feite, zo blijkt uit het onderzoek, leidde deze paradox in sommige berekeningen tot de absurde conclusie dat 1 gelijk is aan -1. Dit laat zien hoe ver het kwantumrijk afwijkt van wat wij als 'normaal' beschouwen.

De sprong naar 37 dimensies

Een internationaal team van wetenschappers nam deze al bizarre paradox en duwde hem tot het uiterste. Hun doel was simpel: kijken hoe niet-klassiek een foton kon zijn. De resultaten waren spectaculairder dan verwacht.

Zij hebben het voor elkaar gekregen om met behulp van de GHZ-paradox lichtdeeltjes te manipuleren die niet in onze vertrouwde vier dimensies (drie ruimte, één tijd) leefden, maar in maar liefst **37 dimensies**.

Een deeltje licht bereikt 37 dimensies: wat dit betekent voor onze kijk op de werkelijkheid - image 2

Dit is waar het praktisch wordt. Als we in driedimensionale systemen al zulke vreemde regels tegenkomen, wat voor rekenkracht en mogelijkheden schuilen er dan in een systeem dat 37 coördinaten nodig heeft om zijn staat te beschrijven?

  • Complexiteit als hulpmiddel: Door complexe lichteigenschappen (kleur en golflengte) te gebruiken, konden de onderzoekers de fotonen beheersbaar maken.
  • Nutteloos voor de supermarkt: Hoewel dit geen directe invloed heeft op je boodschappenlijstje in de lokale Albert Heijn, verlegt het de fundamentele grens van wat fysiek mogelijk is.
  • De duikvlucht: Zoals een van de hoofdonderzoekers opmerkte: we zien nog maar het topje van de ijsberg van de kwantumfysica. Het is alsof we na 100 jaar nog steeds maar een klein deel van de oceaan verkend hebben.

Directe toepassing: De kanttekening van de specialist

Wat we hieruit kunnen leren, is dat we het potentieel van de kwantumwereld vaak onderschatten. Dit experiment biedt een blauwdruk voor het bouwen van nog krachtigere kwantumsystemen.

Praktische Tip: Als je de volgende keer een complexe technische handleiding leest of een nieuw softwarepakket tegenkomt, denk dan aan deze 37 dimensies. Vaak is de complexiteit niet inherent aan de taak, maar aan de onvolledige beschrijvingsmethode die we gebruiken. Dit onderzoek bewijst dat er altijd een dieper, vreemder mechanisme schuilgaat achter de ogenschijnlijk logische structuur.

De volgende stap is niet alleen het observeren van deze fenomenen, maar ze actief gebruiken. Heb jij het gevoel dat onze huidige technologieën vastlopen, of zijn we gewoon nog niet creatief genoeg in het benutten van deze 'verre' dimensies?