Stel je voor: je staat in de rij bij de Albert Heijn, en je denkt bij jezelf: waarom zou ik dit dure lood niet gewoon in goud veranderen? Klinkt als de droom van elke middeleeuwse alchemist, toch? Het klinkt als iets uit een stripboek, maar ik moet je vertellen dat exacte dit – lood omzetten in goud – recentelijk is gelukt. En niet met een toverspreuk, maar met de meest geavanceerde wetenschap ter wereld.
Dit gebeurde niet in een schemerig laboratorium vol rokende potten, maar bij CERN met de Large Hadron Collider (LHC). Natuurlijk, je kunt je portemonnee meteen pakken, maar wees gewaarschuwd: dit is geen route naar een snelle rijkdom. Ik zal je uitleggen hoe deze bizarre chemische ommezwaai werkt en waarom het meer een wetenschappelijke voetnoot is dan een financiële doorbraak.
Hoe moderne fysica de middeleeuwse fantasie nabootst
De alchemisten zochten eeuwenlang naar de Steen der Wijzen. Ze faalden jammerlijk. Wij hadden echter een 27 kilometer lange tunnel onder Zwitserland en een budget waar je U tegen zegt nodig om hetzelfde te bereiken. Het principe is verbazingwekkend simpel, al is de uitvoering dat absoluut niet.
De botsing die materie verandert
Het ging niet om chemische reacties, maar om pure, brute kracht. De wetenschappers schoten bundels van loodionen op elkaar af met snelheden die de lichtsnelheid benaderen. Denk aan twee rijdende auto's die frontaal botsen, maar dan met de energie van duizenden blikseminslagen.
- Meestal slaan de ionen elkaar volledig kapot.
- Soms, in een zeldzaam geval, komen de elektromagnetische velden van de kernen zo dichtbij dat ze elkaar 'schudden'.
- Bij deze 'schudding' verliest de loden kern drie protonen.
En voilà: een loodatoom (82 protonen) verliest er drie en wordt plotseling een gouden atoom (79 protonen). Dit is de kernfysica die de mythe officieel heeft ontkracht.

Het minuscule resultaat: waarom je geen goudklompje vindt
Als je nu denkt dat je bij de afdeling deeltjesfysica langs kunt gaan met een emmer om je nieuwe vermogen op te halen, houd dan even je adem in. De hoeveelheid goud die hierbij ontstaat is fenomenaal klein. Voor degenen die de financiële crisis in Nederland willen oplossen met deze methode: dat gaat niet lukken.
Volgens de metingen in het ALICE-experiment werden er in de loop van enkele jaren ongeveer 86 miljard goudatomen gedetecteerd. Dat klinkt indrukwekkend, totdat je het omrekent naar een meetbare massa. Het komt neer op iets van 29 biljoensten van een gram.
Om dit in perspectief te plaatsen: als je alle goudatomen die ze bij CERN hebben gemaakt sinds 2015 zou verzamelen, zou je nog geen cent verdienen. Het is letterlijk minder waard dan de elektriciteit die nodig was om het te creëren. Het is als het winnen van de loterij, maar de prijs is een luciferhoutje.
De harde realiteit voor de deeltjesfysicus
Want hier komt de ironie: voor de onderzoekers is deze gouden productie eerder een hinder dan een zegen. Zodra die loodkern verandert in goud, wijzigt zijn massa en lading subtiel. Hierdoor valt het deeltje direct uit de perfecte, strakke baan die nodig is om in de deeltjesversneller te blijven.

Binnen microseconden slaat het atoom tegen de wand van de vacuümbuis. Dit verstoort de bundel en dat is funest voor de lopende experimenten. Het is alsof je een heel ingewikkeld kopje koffie zet, en halverwege gooi je er een stuk ijzer in dat het hele filter verstopt.
Waarom dit resultaat essentieel is
Hoewel we geen nieuwe industriële goudbron hebben ontdekt, is deze onbedoelde alchemie cruciaal. Het bewijst dat de modellen kloppen over hoe materie zich gedraagt onder extreme omstandigheden.
Wetenschappers zoals Jiangyong Jia benadrukken dat het begrijpen van deze 'nucleaire chaos' nodig is om de deeltjesbundels stabiel en efficiënt te houden voor het échte werk. Het goud is het bijproduct; de data is de schat.
Dus ja, de middeleeuwse droom is werkelijkheid geworden in een hightech omgeving die je je nauwelijks kunt voorstellen. Je kunt lood in goud veranderen. Maar je hebt een tunnel ter grootte van een kleine stad, een berg aan belastinggeld én de tolerantie om te accepteren dat je resultaat direct verdwijnt.
Wat denk jij: is de wetenschap op deze manier te ver gegaan door een legende na te jagen, of is dit onbedoelde resultaat een prachtige bevestiging van onze kennis van het universum?